Nicaragua geïnteresseerd in Vlaamse vakkennis voor gloednieuw kanaal

in
MOW Mag

In februari bracht Paul Oquist, minister van Overheidsbeleid van Nicaragua, een bezoek aan Vlaanderen. Oquist is ook voorzitter van de commissie voor het Nicaraguakanaal, dat sinds december 2014 wordt gebouwd door het Chinese bedrijf HKND. Tijdens zijn bezoek maakte Oquist kennis met de Vlaamse knowhow inzake waterbouwkunde en waterbeheer. Het Nicaraguakanaal zal een verbinding vormen tussen de Atlantische en de Stille Oceaan en moet de concurrentie aangaan met het Panamakanaal. Dat wordt momenteel volop gemoderniseerd, maar zal zelfs na de werken niet toegankelijk zijn voor de allergrootste schepen. Het Nicaraguakanaal wordt wel breed en diep genoeg, en zal vier keer langer zijn. Als alles volgens plan verloopt, is het klaar in 2020.

Bij het monsterproject horen ook nieuwe havens, wegen, vliegvelden en spoorwegen, wat de kostprijs opjaagt tot 50 miljard euro. Hoewel er voor de werken zo’n zevenduizend families moeten worden onteigend, zou het kanaal Nicaragua een enorme boost geven. Tegen 2030 zou de economie van het op één a armste land van Latijns-Amerika met meer dan honderd procent groeien. De armoede zou halveren.

Oquist bezocht onder meer de havens van Gent en Zeebrugge, maar ook het Waterbouwkundig Laboratorium in Borgerhout. Dat lichtte een studie toe die het had gemaakt over de nieuwe sluizen van het Panamakanaal, met name hoe schepen die moeten invaren. Overigens werd voor de bouw van die sluizen Vlaamse expertise en technologie van MOW gebruikt. Ook verschillende Vlaamse studiebureaus en baggeraars zijn betrokken bij de modernisering van het Panamakanaal. Vlaanderen hoopt eveneens een rol te spelen bij de bouw van het Nicaraguakanaal. Oquist vroeg de geïnteresseerde Vlaamse bedrijven zoveel mogelijk samen te werken met lokale bedrijven. “Het kanaal moet immers zoveel mogelijk Nicaraguanen ten goede komen.”